Interview Hans Gerson, algemeen directeur Port of Amsterdam
Zeehavens Amsterdam is slim
Ondernemerszin de ruimte geven om te innoveren en te groeien dat is het motto voor de komende jaren in Zeehavens Amsterdam. Binnen Europa heeft de haven een stevige positie. Die zal de komende jaren versterkt moeten worden.

“Internationaal groeit het scheepvaartverkeer. Amsterdam mag daarbij niet achterblijven en dat is ook nergens voor nodig. Zeehavens Amsterdam is met haar snelle achterlandverbindingen en korte laad- en lostijden uniek. Nieuwe investeringen zijn wel nodig om de ambities voor de toekomst mogelijk te maken. Dat krijg je alleen voor elkaar als alle actoren hun brede steun voor Zeehavens Amsterdam uitspreken en bijdragen aan verwezenlijking van gezamenlijke doelen”, aldus Hans Gerson.
Bij Hans Gerson aan tafel hebben we prachtig uitzicht over de stad en de haven. Gegrepen door de chemie tussen mensen en wat dit kan bijdragen aan ontwikkelingen praten we over de kansen voor Zeehavens Amsterdam en kijken we ook bewust naar keuzen uit het verleden. De realiteit is eenvoudig, groeien is essentieel. Dat doe je in zijn visie door een open dialoog de ruimte te geven en tevens daadkrachtig te zijn, het is een prachtige balans.
“Betrek mensen erbij, discussier open, dan is er veel mogelijk. Wij willen hier graag laten zien hoe je met elkaar grote dingen voor elkaar krijgt. Ondernemers in de haven bewijzen dat al eeuwen. De noodzaak om duurzaam infrastructuur te ontwikkelen en samen met milieu organisaties hand in hand op te trekken biedt grote kansen als een ieder de noodzaak van samen optrekken inziet.”
De ambities van de haven tot en met 2020 liegen er niet om. Een werkgelegenheidstijging van minimaal 15% terwijl de krapte op de arbeidsmarkt enorm is. Stijging van de toegevoegde waarde met minimaal 40% en handhaving van het marktaandeel van 7,5%. Een groei van overslag naar 125 miljoen ton. De trots op de haven laten groeien en het gebied ook toegankelijker maken, is dat reëel?
"de realiteitszin is toegenomen”
“Ja dat is het zeker! Het gaat om bedrijvigheid die extra waarde toevoegt. Je moet blijven investeren en meewerken met bestaande ondernemers en tevens nieuwe bedrijven werven die daar complementair aan zijn. Een voorbeeld is Dick Broeder. De overslag in zijn overdekte terminal is met een factor 8 gestegen. Gebroeders Lagendijk zijn ook van die rasechte ondernemers en zo zijn er nog veel meer. De cultuur in de haven is samenwerken. Er zijn nog veel familiebedrijven actief. Hun lot is met elkaar verbonden en dan weet men elkaar ook snel te vinden. Dat is essentieel voor het behoud van het goede karakter in de haven en de stabiliteit.”

Onze positie is goed
Zeehavens Amsterdam heeft een marktaandeel van 7,4% en bekleed daarmee de 4e positie binnen de Hamburg – Le Havre range. In Europa is dit een vijfde positie, net na de haven van Marseille. De overslag van Zeehavens Amsterdam is 87,8 miljoen ton en met een directe en indirecte toegevoegde waarde van de haven is dat bij elkaar ruim 5,2 miljard per jaar. Daarvan komt 40% direct toe aan de regio Amsterdam. De goederenstroom bestaat uit de clusters: kolen, olieproducten, containers, food (cacao nr 1 positie in de wereld, koffie, vis, soja, juices en agribulk), bouwproducten en cruise.
“Wij bieden aan ruim 53 duizend mensen een baan. Een derde is buiten de regio van de haven actief. Daarmee is het effect van de haven op de economie groot en is het aantal banen relatief hoog in vergelijking met bijvoorbeeld Rotterdam dat vijf maal zoveel overslag kent en slechts 2,5 keer zoveel werkgelegenheid biedt. Werkgelegenheid is een issue. Dit jaar is het Haven & Logistiek college gestart dat daar mede invulling aan geeft. Het is een samenwerking van logistieke beroepsopleidingen. De match tussen vraag en aanbod en de kansen die er zijn in de haven moeten echt veel beter belicht worden.”

“De haven is goed in waardevermeerdering. Goederen worden geassembleerd en verder gedistribueerd. Voorbeelden zijn Corus en Hitachi. Op grote schaal worden brandstoffen gemengd tot eindproducten. Benzinepompen in Noord Nederland krijgen hun aanvoer direct vanuit de haven evenzo Schiphol waarmee een directe kerosinepijpleiding is. Veel goederen worden in de haven verwerkt en dat biedt veel extra waarde en werkgelegenheid. De tijd dat een schip vanaf zee kan laden en lossen is in Amsterdam circa 3,5 uur. Daarbij komt nog eens het voordeel dat er geen getij is achter de sluis en de uitstekende achterland verbindingen. Het mag vaak genoeg benadrukt worden.”
Zeehavens Amsterdam toont cijfers om trots op te zijn. In 2008 heeft de groei t.o.v. 2007 in Amsterdam doorgezet met 6,6 %. Het lijkt wel dat Amsterdam in alle stilte opereert en in Nederland de focus vooral bij Rotterdam ligt? Gerson blijft nuchter: “de samenwerking met behoud van ieders positie is voor Nederland van belang”.
“Alleen de politiek bepaalt MVO”
Waar laat je al die groei?
“De haven zal in grondbeslag tot 2020 niet groeien, dat is onze visie. Dus moet je uiterst slim omgaan met het accommoderen van bedrijvigheid. Ondernemingen hebben ook wensen tot uitbreiding. In overleg met hen richten wij ons op intensivering op bestaande kades en terminals. Dit beleid moet ertoe leiden dat er ook na 2020 nog een strategische voorraad is om te kunnen ontwikkelen. Gevestigde ondernemers weten elkaar in onze havens snel te vinden en werken samen. Dat moet je stimuleren. Door de groei in omvang van de schepen is kadelengte zeker een onderwerp.”
Is samenwerking belangrijk?
“Er is veel samenwerking met andere havens. Het contact met Hans Smits van Rotterdam is prettig. Deels is dat de verdienste van de verschillende persoonlijkheden die streven naar dialoog, en het is beter voor de concurrentiepositie van Nederland binnen Europa. Organisaties in het achterland willen voor hun bevoorrading niet afhankelijk zijn van één haven, daarom wordt er bewust voor beide gekozen. Verschillende ondernemers zijn in beide havens actief. Voor een gezond mainportbeleid is samenwerking nodig, overigens wel met behoud van concurrentie. Echter, door samen zaken op te pakken kom je verder. Wij participeren in verschillende initiatieven zoals de Nothern Maritime Corridor. Een initiatief van verschillende landen om vervoer van goederen van de weg over water te krijgen. Amsterdam is nu bezig om een samenwerking met Portugal te ontwikkelen. Jaarlijks rijden er 160.000 trucks tussen dit land en Amsterdam. Het is goedkoper om deze lading met een frequent varend roll-on/roll-off schip te vervoeren. Holland Ports is een ander initiatief. De internationale concurrentie is stevig. Nederland moet haar sterke positie en logistieke reputatie duidelijk laten zien, dat doe je samen.”
Groei en milieu, is dat een contrast?
“Milieu is altijd een issue en daar zijn veel voordelen te behalen. Het beleid en de manier van werken moet echt duurzamer. Een oprechte discussie met de milieu organisaties ga je altijd aan. Binnen de onderneming maken we daadwerkelijk beleid. Dan heb je ook kennis nodig. Er is een promovendus tot ons team toegetreden die samen met veel anderen in de organisatie dit beleid gaat realiseren ondermeer door het bewustzijn van duurzaamheid in de haven op de agenda te houden en programma’s te ontwikkelen die ondernemers daarin ondersteunen. Let op, over 12 jaar zijn wij de meest duurzame haven in Europa. We zijn hard op weg het vrachtvervoer over de weg terug te dringen van 53% naar 45% in het voordeel van water en spoor. Ceres legt nu een derde spoorlijn naar de terminal. De stimulans om schonere brandstof te gebruiken voor schepen begint te werken en anders dwingen we het af. Die CO2, uitstoot moet gewoon omlaag. Binnenvaartschepen krijgen walstroom en voor zeeschepen wordt het onderzocht. We doen veel om de normen van fijnstof, luchtkwaliteit en geluidshinder aan te scherpen. Ook vervoer van medewerkers van en naar de haven verbeteren we met extra busdiensten. Onze sterke positie in de energiesector gebruiken we volop om de op- en overslag van biobrandstoffen te stimuleren. Door clusters te vormen die elkaars restproducten gebruiken hebben we met recycling extra waarde behaald. Intensief ruimtegebruik en een selectief aanname beleid van vervuilende overslag is belangrijk. De haven is al een van de beste ter wereld omtrent de veiligheid en vervoer van gevaarlijke stoffen. Haven Amsterdam heeft als eerste haven in NL een Internationaal milieucertificaat gekregen, dat is niet zomaar.”
“Over zeven à acht jaar begint het echt”
Komt de 2e zeesluis er?
“Ja, ik ben een groot voorstander van de 2e sluis en opening in 2016 is wenselijk. De sluis is essentieel voor de toekomstige ontwikkeling van de haven. Per jaar passeren er 9.000 schepen. Bulk carriers en zeker de containerschepen worden groter en het tonnage neemt fors toe, die passen er straks niet meer door. Het aantal passages neemt fors toe naar 15.000. De capaciteit bereikt een maximum met 90 – 95 miljoen ton. 90% van alle lading gaat via de sluis de haven in. Verreweg de grootste lading is bestemd voor bedrijven in Amsterdam. Niemand kan de noodzaak van deze uitbreiding nog langer negeren. Een overslag van 125 miljoen ton goederen in Amsterdam die onze berekeningen aangeven is gewoonweg niet mogelijk met de huidige capaciteit van de sluis..”
We vergeten wel eens dat de Noordersluis uit 1929 is. Die is niet meer gebouwd op de motorvermogens van huidige en toekomstige schepen. Het risico van storingen neemt toe. De economische schade van de haven op slot, is nauwelijks te bevatten. Alle havengemeenten langs het Noordzeekanaal en de Provincie Noord-Holland steunen het plan. Een snel besluit van de Minister om een planstudie te starten is nu nodig. Amsterdam en Nederland dienen wel bereikbaar te blijven. In de tussentijd zal de Gemeente met Rijkswaterstaat werken aan een verdere verruiming van de nautische mogelijkheden. Hierdoor kan tijdelijk de capaciteitsgroei worden opgevangen. Essentieel omdat de procedures en bouw van een nieuwe sluis zeker 8 jaar beslaan.
"Ondernemerszin, daar draait het om”
Wat is je agenda voor de toekomst?
Gemeente, Provincie Noord-Holland en Rijk bereid krijgen om mee te investeren in zeehavens Amsterdam om de groei die we kunnen maken te benutten. De zichtbaarheid en aantrekkelijkheid van de haven zowel nationaal als internationaal verder te bevorderen. Mijn belangrijkste agendapunt is een constructie bedenken hoe je in dit land tot een model kunt komen dat als voorbeeld kan dienen om samen grote vraagstukken van de grond te krijgen. Het gaat erom vooraf een juiste inschatting te maken hoe partijen omgaan met risico’s en waar een vraagstuk daadwerkelijk overgaat. Daarbinnen wil ik graag een bijdrage leveren om met respect voor elkaar tot daden te komen.